Posts tonen met het label Loch Ness. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Loch Ness. Alle posts tonen

woensdag 3 augustus 2011

Foto's van Schotland

Hieronder zie je een aantal foto's met hoge resolutie.
Klik op de afbeeldingen voor een vergroting.   


Niet ver van het kustplaatsje Sint-Andrews bevindt zich zo'n 30 meter onder de grond een geheime bunker, die bij een atoomaanval door het Warschaupact zou worden gebruikt om van hieruit Schotland te besturen. Deze bunker is nu opengesteld voor het publiek. Het gebouw bestaat uit twee lagen. Daarin bevinden zich commandocentrales, slaapzalen voor militairen en regeringsleiders, wapenopslagplaatsen, medische apparatuur en vertrekken voor de planning van tegenaanvallen. Hier zie je het vertrek waarin het werk van de hulpdiensten - politie, brandweer en ziekenvervoer - moest worden gecoördineerd.  


Op allerlei contrôlepanelen en kaarten werd de militaire situatie bijgehouden.


Na zo'n druk dagje in de Derde Wereldoorlog wil je wel eventjes bijslapen. Hier is de slaapzaal voor de gewone militairen. Officieren hadden een kamer voor vier personen. Wie nog hogerop zat, had een kamer voor zich alleen.


Door deze medicus wil je niet graag onderzocht worden. Hij moet je dan ook behandelen voor brandwonden a.g.v. een atoomuitbarsting. Zo te zien is de dokter er zelf ook slecht aan toe.   


Bij een kernoorlog is het altijd prettig dat je nog even naar buiten kunt bellen en faxen. Ook daar had men natuurlijk aan gedacht.   


Gaat het dan tóch nog helemaal mis - en die kans is natuurlijk groot - dan vindt hier de uitvaartdienst plaats.


Bij zo'n atoomoorlog is een hele batterij telefoonjuffrouwen in de weer, dat spreekt vanzelf.  Zij zorgen ervoor dat ook onder de grond alles gesmeerd verloopt.  

  

Sint-Andrews. Het ziet er nu wel vredig uit, maar vanaf de 9e eeuw hadden ze hier last van Noormannen die de kust op kropen. Veel oude namen uit deze omgeving zijn van Noorse oorsprong. Tegenwoordig heb je er vooral last van zeemeeuwen die behoorlijk brutaal zijn, op je auto (of op je hoofd) schijten en de hele nacht op schoorstenen zitten te krijsen.  


De oostkust van Schotland is behoorlijk rotsachtig. 


Alnwick Castle, niet ver van Newcastle. Dit kasteel komt voor in verschillende Harry Potter-films. Er hangen o.a. schilderijen van de 17ee eeuwse Vlaamse schilder Anthony van Dijck.  


De kathedraal van Sint-Andrews. De rust in die kerk doet weldadig aan. Vanuit een drukke stad kom je ineens in een oase van stilte terecht. Bewaking is er niet; iedereen blijft met zijn tengels van het kerkinterieur af.
In dit stadje is ook een universiteit gevestigd, één van de oudste van Engeland. William en Kate hebben elkaar hier leren kennen.   

  

Gezicht op Edinburgh vanaf Edinburgh Castle. Je kijkt hier naar het oosten. Helemaal op de achtergrond is de Firth of Forth te zien, een arm van de Noordzee.


Gezicht op het noorden vanaf Edinburgh Castle.


Foto met sterke vergroting. Hier zie je in de verte het eilandje May liggen. Hier liggen nog de ruïnes van een 12e eeuws klooster en een Noormannenfort. Het klooster is gebouwd ter ere van een beroemd prediker die in 875 door de Noormannen is vermoord.



Om deze reden ben ik niet zo'n fan van het bezoeken van beroemde kastelen, maar als je dan tóch in de buurt bent...   


Ingang van Balmoral Castle, het buitenverblijf van de Britse koninklijke familie. In een bijgebouw kwam ik een opgezette poolhaas tegen. Tijdens de IJstijden was Schotland met Scandinavië verbonden. Na de laatste IJstijd, toen die verbinding verdween, hebben een paar diersoorten uit het poolgebied zich in de hooglanden kunnen handhaven. Maar een heel klein deel van dit kasteel is voor het publiek opengesteld. Het gewone volk mag zich vooral aan de buitenkant met al zijn torentjes en andere tierelantijntjes vergapen. De toegangsprijs van 5 pond valt trouwens mee.


Dit is de poolhaas in een bijgebouw van het Balmoral Castle. Net als in Scandinavië komen ze voor in de Schotse hooglanden.


Een totaal verroest schip dat gewoon in het meer van Loch Ness lag. In Schotland kom je niet alleen veel verlaten en half vergane huizen tegen, maar ook schepen die liggen te vergaan. Dat zagen we ook in de haven van Newcastle.  


Een beekje, gezien tijdens een wandeling in de buurt van Fort Augustus.


Bizarre Britse humor of is dit hier doodgewoon? Een touristische wandelroute voerde ons doodleuk over een kerkhof met graven uit de 18e en 19e eeuw. Je moest over een muurtje klimmen om er weer uit te komen.


Loch Ness, gezien vanaf een rondvaartboot. "Don't feed the monsters", werd er geroepen vanuit de luidsprekers. Dat hebben we dan ook maar niet gedaan. Je wilt wel graag weer thuiskomen natuurlijk.   


Na afloop van het bezoek aan het "Official Monster Exhibition Centre", waar een heel gedegen presentatie wordt gegeven over de flora en fauna van het meer van Loch Ness, en natuurlijk vooral over het 'monster', struikel je bij de uitgang bijna over de knuffels van Nessie.


Kasteel dicht bij het eiland Skye.


Berglandschap op Skye.

  

Een ongelofelijk mooi plekje: Elgol, een havenplaatsje op het eiland Skye aan de westkust. Op dit eiland spreekt zo'n 60% van de bevolking nog het klassieke Gaelic, een Keltische taal. Voor alle zekerheid hebben we ons toch maar in het Engels verstaanbaar gemaakt; we hadden nl. honger.


Urquhart Castle op de noordelijke oever van Loch Ness. Dit kasteel ligt niet ver van Drumnadrochit, het centrum van de monstercultus. Eigenlijk is dit een ruïne. Het kan zijn dat het door het monster is aangevallen, en wel met zúlke ernstige gevolgen dat men niet meer de moeite heeft genomen om het op te lappen. Tegenwoordig is er o.a. een VVV-kantoor in gevestigd.

zaterdag 23 juli 2011

Volgens het monstercentrum 'the mystery remains'


Vanmiddag hebben we "The official monster exhibition" bezocht, the place to be voor alle monsterfanaten en geïnteresseerden in Nessie, zoals ze het monster hier liefkozend noemen. In restaurants kun je in Drumnadochrit, centrum van de cultus, zelfs monstergerechten bestellen; bij de plaatselijke bakker kun je een taart kopen waarop Nessie in slagroom is opgespoten. Onze verwachtingen waren dan ook hooggespannen toen we het 'exhibition center' binnen liepen. Ik moet zeggen dat ze de tentoonstelling op een heel gedegen - om niet te zeggen wetenschappelijke - manier hebben ingericht.

Na binnenkomst word je door een aantal zalen geleid waar je in een passende omgeving - rondom rotsen, gedempte verlichting, hier en daar een monsterkop of dinosaurusskelet - een  film krijgt voorgeschoteld. Om de bezoeker duidelijk te maken dat het hier om een zeer serieuze onderneming gaat, laat men een filmpje zien over de continentendrift. Dat is zeer verhelderend in tweeërlei opzicht. Engeland maakte oorspronkelijk nl. deel uit van  Pangea, een oercontinent waaruit later Azië, Afrika en Europa is ontstaan, terwijl Schotland heel lang geleden vastzat aan het Amerikaanse continent. Voor Schotten, die sterk hechten aan hun eigen identiteit, is daarmee het bewijs geleverd dat ze een heel andere oorsprong hebben dan Engelsen. Hun land is immers van over de Atlantische Oceaan komen aandrijven, terwijl Engeland niet meer is dan een afgebroken stukje continentaal Europa. Maar dat terzijde.

Voor het monsterverhaal is van belang dat het noorden van Schotland miljoenen jaren geleden botste op Zuid-Schotland. Het meer van Loch Ness is de plek waar beide aardschollen op elkaar zijn gebotst. In feite is het dus een restant van geologische gebeurtenissen die miljoenen jaren geleden hebben plaatsgevonden. De bergen van Schotland zijn ook bij die botsing ontstaan; de beide aardplaten die bij die aanvaring betrokken waren, zorgden voor flinke rimpelingen in het landschap. Dat is vergelijkbaar met het ontstaan van het Himalayagebergte tussen India en China; ook daar botsten twee aardplaten met geweld op elkaar.
Het meer van Loch Ness is daarom in feite een afgesloten gedeelte van de Atlantische oceaan. Een bewijs voor die stelling is dat er maritieme levensvoorkomen in het meer voorkomen, die je normaal gesproken niet in zo'n bergmeer zou verwachten, maar wel normaal zijn voor de oceaan. Zelfs voor het leven op grote diepte in Loch Ness gaat dit op. Er hebben zich nog kleine planten en dieren kunnen handhaven sinds de laatste IJstijd, zoals er in de Schotse bergen nog steeds poolhazen voorkomen. Een opgezette poolhaas kwam ik tegen in een tentoonstelling bij Balmoral Castle, dat we eergisteren hebben bezocht toen we op doorreis waren van St. Andrews naar Loch Ness. Het staat dus buiten kijf dat sommige planten en dieren zich hier hebben kunnen handhaven die ófwel niet helemaal passen bij de flora en fauna van dit gebied, maar wel elders voorkomen (bv. poolhazen), ófwel elders zijn uitgestorven, zoals sommige plantjes en diertjes die leven op de bodem van het meer.

Dat opent interessante perspectieven, want stel je voor... dat zich hier ook dinosaurussen konden handhaven? In de verschillende zalen van de expositie probeert men daar antwoord op te geven. Duidelijk is in elk geval wel dat de voorwaarden voor het voorkomen van exotische levensvormen hier voorhanden zijn.
Eén zaal is gewijd aan ooggetuigeverslagen. Meer dan duizend mensen, zo wordt verteld, zweren bij hoog en bij laag dat ze Nessie hebben gezien. Dat wil zeggen: er zijn verschillende typen verslagen. Bewoners van dit gebied geloven dat er zich een ongewoon grote vis in het meer bevindt, maar bezoekers van verder weg beschrijven vaker een plesiosaurus-achtig monster. De schattingen van de grootte van het beest lopen uiteen, maar meestal schat men de lengte ervan op 15-20 voet, wat overeenkomt met een lengte van maximaal 6 meter. Voor een plesiosaurus lijkt me dat nogal weinig, want bij een dergelijk monster denk je toch al gauw aan een dinosaurus die zo lang is als een flinke touringcar.

Ook onder water heeft men naar het monster gezocht. Dat gebeurde o.a. met sonar, maar ook met apparatuur die onderwateropnamen maakte van de bodem van het meer. Onderzoek van de bodem wees uit dat er voor monsters ter grootte van een plesiosaurus veel te weinig voedsel is. Ook is de watertemperatuur op de bodem veel te laag om het leven er voor een reuzenreptiel draaglijk te maken. Daar staat tegenover dat sommige authentieke monsterfoto's zó duidelijk en zó karakteristiek zijn voor een monsterlijk, plesiosaurusachtig wezen, dat je je moeilijk aan de indruk kunt onttrekken dat er meer waar is van dit verhaal dan de meeste wetenschappers aannemen. Sommige sonaropnamen laten verder een dinosaurusachtig  wezen zien dat zich onder wat voortbeweegt.

In de laatste zaal van de expositie wordt dan ook geconcludeerd: "Whatever may be true, the mystery remains". Zelf geloof ik, net als de Schotten die rondom het meer wonen, dat er wat grotere vissen dan normaal in het meer zwemmen. Maar de grootste vissen die hier gevangen worden, vangt men aan wal. Dat zijn de ponden die de plaatselijke bevolking vangt van de vele toeristen die hier jaarlijks hun vakantie komen doorbrengen, of - zoals wij - hier een paar dagen blijven hangen. Ik gun de sympathieke Schotten die bijverdienste van harte, ook al verdienen ze hun geld hier met de verkoop van gebakken lucht. Nessie leeft, ook al is dat meer als mythe dan als een overblijfsel uit het Krijt.    

Op zoek naar het monster van Loch Ness

Dit is een a. plesiosaurus, b.olifant. Onder de goede inzenders wordt een zilveren theelepeltje verloot.

Gisteren, de 22e juli, zijn we vanuit St. Andrews aan de oostkust van Schotland naar Fort Augustus gereden. Dit plaatsje ligt aan de zuidpunt van Loch Ness. Vanuit onze hotelkamer hebben we een schitterend uitzicht op dit meer, dat zeker 50 km lang is maar op z'n hoogst 3 kilometer breed. Het is een wat eigenaardig gezicht om het water aan de oppervlakte onophoudelijk naar het zuiden te zien stromen en wel met zo'n snelheid dat er voortdurend golfjes worden gevormd. Misschien is dat wel de reden waarom sommige mensen menen dat ze een monster uit het wateroppervlak hebben zien opduiken. Sommigen hebben geopperd dat allerlei prehistorische levensvormen, bv. dinosauriërs, zich in het meer hebben kunnen handhaven omdat het water ervan niet in verbinding staat met de open zee. Een wat vreemde conclusie, want voor een reptiel – laat staan een dinosauriër – is het meerwater veel te koud. Ik kan me niet voorstellen dat een plesiosaurus – een monster dat je het best kunt omschrijven als een reuzenschildpad waar ze een slang doorheen getrokken hebben – zich 65 miljoen jaar heeft kunnen handhaven in een meer met een temperatuur van hooguit 10 graden. Maar voor gelovigen is alles mogelijk, zullen we maar zeggen.

Het centrum van de monstercultus is het plaatsje Drumnadochit, halverwege de noordelijke oever van Loch Ness, precies tussen Inverness en Fort Augustus in. Hier vind je ook een centrum waar alle informatie over het monster te krijgen is die je maar wilt hebben. Je kunt er bv. naar filmpjes en foto's kijken waarop iets monsterlijks te zien is dat zich over het wateroppervlak beweegt. Natuurlijk worden er voor de echte monsteradepten ook boottochtjes over het meer georganiseerd. Daarbij kun je het net zo spannend maken als je maar wilt. Voor de echte liefhebbers zijn er speedboten beschikbaar waarop je je met een noodgang over het meer kunt laten varen. Stom natuurlijk, want zelfs het kleinste kind weet dat je daarmee een monster de stuipen op het lijf jaagt. Wie in een wat aangenamer tempo het meer wil verkennen, kan aan boord gaan van één van de vele rondvaartboten die over het meer tuffen.

Dat de confrontatie met het monster niet zonder risico's is, hebben we gisteravond kunnen vaststellen. Een verroeste, flink uit de kluiten gewassen vissersboot lag scheefgezakt langs de oever. Het was net een spookschip dat trouwens wel een mooi plaatje vormde samen met de achtergrond van de glooiende, beboste hellingen van de zuidelijke oever.

Eigenaardig toch dat er een hele toeristenindustrie is verrezen rondom een mythe, een gebakken ballon vol lucht. Allerlei hotels drijven op deze cultus, terwijl de Schotten er zelf nauwelijks in geloven. Twee keer ben ik er tegen mensen uit de buurt over begonnen, maar op mij maakten ze hierover een – op z'n zachtst gezegd – nogal gereserveerde indruk. Ze willen de enthousiaste toerist niet bij voorbaat ontmoedigen, maar het gaat beslist te ver om te zeggen dat ze het geloof erin willen aanwakkeren.

Vanmiddag gaan we naar Drumnadochit, het centrum van de monstercultus. Voor alle zekerheid heb ik een verrekijker in de aanslag op onze hotelkamer. Mocht er iets bijzonders gebeuren, dan zal ik het onmiddellijk melden. Ik houd jullie op de hoogte van de ontwikkelingen!