Posts tonen met het label Helena. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Helena. Alle posts tonen

zaterdag 9 oktober 2010

Op Helena van Troje - (4)


Bij ’t omwolkte licht van de vale maan,
niet ver van Troje’s trotse tinnen vandaan,
verlaten de Grieken één voor één ’t houten paard
en heffen hun in ‘t koele maanlicht blinkend zwaard.

Twee aan twee trekken zij door de verslagen stad
op zoek naar de schandknaap Paris en zijn schat
totdat een verkenner van Troje’s laatste veste,
Heleen bespiedt, verschalkt ten langen leste.

Met een diepe schreeuw heft de hopliet het staal,
doorklieft de Myceense hoer voor de laatste maal
totdat zij stervend in Paris’ armen valt.

Het verhaal van Heleen en de Grieken eindigt hier;
met afgewend gelaat vaart Charon haar over de rivier
naar Hades' rijk dat voortaan haar 't bestaan vergalt.

Op Helena van Troje - (3)

Heleen, gij blinde dwaas en ijdel wijf,
Paris Hilton uit het rijk van Mycene,
ge liet u schaken door een herdersknaap
en zingt nu als een Trojaanse sirene.

De Erinyen zullen u elegisch bezingen
als u afdaalt in Hades’ diepe duisternis,
‘t rijk waaruit geen sterveling wederkeert -
gij, die meent dat de dood het eind van alles is.

In ’t dodenrijk zal uw ziel herleven
over de einder van ’t aards bestaan.
Uw spotdichten zullen dan verstommen
als u d’ ogen voor de andere wereld opengaan.

donderdag 7 oktober 2010

Op Helena van Troje - (2)


Alsof er geen voortbestaan is, geen eeuwige geest,
lastert en spot u met koning en met God.
’t Zal noch u, noch uw minnaar Paris baten:
elke sterveling wacht hetzelfde lot.

Als God ’t uur van uw afscheid heeft bepaald
doorsnijdt de doodsengel ’t levenskoord
dat uw ziel met ’t lichaam verbindt.
Onherroepelijk spreekt hij het laatste woord.

Zodra het ‘Effatha’ weerklinkt, lost de ziel
in een lichtende nevel op, van ’t lichaam bevrijd,
en stijgt naar de sfeer die ginder bij haar past
ook gij, die uw hart aan lage lusten wijdt!

Op Helena van Troje - (1)

Wanneer het eind van uw dagen nadert,
‘t licht in uw ogen wordt gedoofd,
slaat gij ze in een andere wereld op
of ge op aard nu wel of niet gelooft.

Wat baat het u hen die in Zeus geloven
te overladen met uw ruwe zangen?
Als uw ziel wordt gevaren over de Styx
zijt ge voorgoed in Hades’ rijk gevangen.

Weet nu, Heleen, dat gij niet beter zijt dan zij
die u om hun godsvrucht gispt en laakt.
Dat gij onwetend zijt raakt de goden niet,
wél dat u niet over uw hart en woorden waakt.